De geschiedenis van FIAT’s Carrozzerie Speciali
Een speciale badge op je FIAT.
Misschien verwacht je dat een klassieke badge op een gelimiteerde FIAT 500 ‘Dolce Vita’, enkel een commercieel trucje is om het retrogevoel te verhogen. Dat is het ook aan de ene kant, ware het niet dat er een hele geschiedenis schuil gaat achter zo’n chique-ogende badge. Ook op een FIAT. Nu FIAT deze maanden 127 jaar oud is geworden, is het misschien interessant om daar eens bij stil te staan in onze ‘La Grande Storia’ reeks. Het merk dat we vandaag vooral kennen als massamerk omdat het al vroeg in de twintigste eeuw de lopende band omarmde, is natuurlijk vooral gedurende de eerste helft van de vorige eeuw ook actief geweest in het vervaardigen van meer gelimiteerde automobielen op maat met een speciaal koetswerk. ‘Fuoriserie’ zouden we dat vandaag noemen bij Maserati of Alfa Romeo. Destijds betrof het natuurlijk niet alleen exclusieve sportieve carrosserieën, maar waren er bijvoorbeeld ook de eerste ‘Giardiniera’s’ (stationwagens) met hout op de flanken.

De eerste koetswerken.
Dat het bouwen van de speciale versies überhaupt plaatsvond, is gebaseerd op een goede en rijke traditie van carrosseriebouw. In en om Turijn waren er talloze zelfstandige bedrijven die in opdracht van de fabrikanten werkten. In de pionierstijd waren automobielproducenten immers vooral bezig met het technische gedeelte van een chassis en een motor. Het koetswerk werd bijna altijd uitbesteed aan bedrijven die ooit daadwerkelijk koetsen bouwden toen er nog paarden aan te pas kwamen. FIAT deed dat in de beginjaren bij een firma dat Carrozzeria Rothschild & Fils heette, een grootte koetsbouwer uit Parijs. Uiteraard binnen handbereik, midden in de wijk San Salvario aan de Po, waar FIAT maar ook Lancia z’n automobielen bouwde.

Eigen speciale series.
Maar het pand aan de via Madama Cristina 147 in Turijn werd al snel overgenomen door FIAT, inclusief de bedrijfsvoering. Al in 1910, toen FIAT zich binnen 10 jaar tijd ontpopte tot een gigant tussen de vele kleinere autobouwers ontstond het “Reparto Carrozzerie Fiat”. Die afdeling bleef bestaan ook na de bouw van de nieuwe grote fabriek in Lingotto (1922) een stukje verderop. De naam van de afdeling veranderde al wel naar ‘Vetture speciali’ (1925). Vanaf dit punt ontstaan langzamerhand de eerste FIAT’s die afweken van de reguliere productie in grote aantallen. De normale carrosserieën zoals die van de FIAT 509 (FIAT’s eerste model dat in grote aantallen werd gemaakt van midden tot eind jaren ’20) en daarna de meer beroemd geworden 508 Balilla (1932), werden op moderne wijze op Lingotto samengesteld. De bouw van deze meer gelimiteerde koetswerken werden intussen zelfs voorzien van een eigen badge.


De hoogtijdagen tot het weer een niche werd dat werd uitbesteed.
Begin jaren ’30 was het oude pand echter niet langer geschikt en verkocht FIAT het aan Società Anonima Microtecnica. Op Lingotto werd een frisse en moderne start gemaakt onder de nieuwe naam “Carrozzerie Speciali” of “Officine Lingotto”. Het waren de jaren waarin grote namen als Dante Giacosa en Luigi Fabio Rapi de leiding namen bij FIAT. Ondanks de crisisjaren moderniseerde FIAT volop. De 500 Topolino zag intussen het daglicht in de grote productiehallen. Op de meer gelimiteerde modellen kwam nu een opschrift met bekend rood FIAT-logo. Leuk weetje voor de hobbyist: De firma Franco Ragni produceerde deze logo’s. Een bedrijf dat tot op de dag van vandaag bestaat en vele legendarische Italiaanse auto’s van badges voorzag, inclusief beeltenissen van heiligen voor op het dashboard voor een behouden vaart. De Carrozzerie Speciali afdeling op Lingotto bestond tot begin jaren ’60. De steeds massalere auto-industrie veranderde in rap tempo en bijzondere koetswerken werden vanaf dat moment vooral uitbesteed aan grote namen uit Turijn als Ghia, Bertone, Pininfarina, OSI en Vignale. Eigenlijk zoals het ooit is begonnen met het verschil dat de fabrikant voortaan de normale koets altijd zelf doet. Maar ook aan de speciale versies van Bertone en Pininfarina kwam later een einde. In de jaren ’90 deden dat soort bedrijven nog vooral cabrio’s en coupé’s en daarna hield het voor de meest koetsbouwers op. Autofabrikanten doen het liever allemaal in eigen beheer vanwege het financiële plaatje. Vandaag de dag is de speciale carrosserie vooral weggelegd voor de zeer exclusieve auto en wordt het niet langer toegepast op de auto voor de gewone man. Hieronder noemen we slechts enkele van de vele creaties die FIAT zelf realiseerde en voorzag van die extra mooie badge. Vaak op het voorste spatbord net voor de portier.







