Home » Fiat , La grande Storia

Fiat 600 al 60 jaar dat andere succesnummer

10 maart 2015 21:17 3 reacties

fiat600

Op 9 maart 1955 werd in Genève de later zo ongelofelijk succesvolle Fiat 600 geïntroduceerd. De 600 werd uiteindelijk een gezichtsbepalende compacte gezinswagen voor Italië (en vele andere landen) dat maar liefst 2,7 miljoen keer het levenslicht zag. Ook voor die tijd een ongekend succes. Het is nog niet zolang geleden (2012) dat we de geschiedenis van de 500 uitvoerig hebben gevierd en uiteraard kreeg dat jubileum zelfs internationale aandacht, maar de 600 vertegenwoordigd misschien wel een veel belangrijker moment in de geschiedenis van de Italiaanse personenwagen. Het is Dante Giacosa’s ideale vervolg op het eerste ‘massaproduct’ dat voor de oorlog Italië al een stuk dichter bij een moderne gemotoriseerde welvaartsstaat bracht, te weten de ‘500 Topolino’ uit 1937. Fiat betrok nu naast het individu in de opkomende middenstand, ook het naoorlogse gezin en richtte zich bewust op de creatie van een ruimer concept dat nog altijd economisch en compact was.

fiat 600 torino

President Luigi Einaudi bekijkt (kort voor het einde van zijn ambtstermijn) samen met de nog jonge Agnelli (die onder de door zijn grootvader aangestelde Valletta werkte), de doorsnede van de nieuwe Fiat 600 op de autosalon van Turijn.

In Mirafiori werden al vanaf eind jaren ’40 talloze ruimere auto’s samengesteld aan de assemblagelijnen naast die van de Topolino. Auto’s met zitplaatsen achterin die als typeaanduiding een getal boven de 1000 hadden (zie filmpje onder). De sterk verouderde 500(C), die Fiat als producent al een stuk groter maakte, kreeg een waardige opvolger. Het werd een krachtig symbool voor de naoorlogse wederopbouw. Maar Italië motoriseerde dusdanig hard (op 2, 3 en 4 wielen), dat er intussen ook al serieus werd nagedacht over een compacter model onder deze 600. De Nuova 500 zou een paar jaar later Fiat tot ongekende hoogte brengen qua productie, maar het was de 600 die de president van de republiek zelfs naar de autosalon van Turijn deed togen in 1955 (foto boven) en de televisie (Rai) een korte film deed uitzenden over dit model. De 600 is dus symbool voor een grote sprong voorwaarts, al werd de 500 in 1957 pas het model dat ook echt een heel volk wist te bereiken. De 600 was met z’n 590.000 lire namelijk nog lang niet voor iedereen een haalbare kaart, waardoor een grote groep mensen nog voor een populaire Lambretta of Vespa kozen.

fiat 600 vacanza

Maar de realiteit was ondanks de sterke groei wel nog altijd dat een gemiddelde werkende man aan de lopende band alleen maar kon dromen van een 600, aangezien hij met een uur werk nog geen kilo pasta kon betalen (190 lire). Voor brood betaalde men 150 lire, een krant kostte 25 lire, net zoveel als een tramkaartje waarmee men in Mirafiori kon geraken. De 600 zou in z’n 14 jarige bestaan echter een hoop zien veranderen, omdat de ontwikkelingen op het gebied van welvaart met de snelheid van het licht plaatsvonden. Ook de reden dat na de lancering van het standaard model, een open versie en een luxere variant, er nog veel meer op dezelfde basis gebouwd zou worden zoals bijvoorbeeld de briljante Multipla (foto onder), een van de eerste mini-MPV’s ooit. Kortom Valletta’s Fiat draaide overuren en de geest van de 10 jaar daarvoor overleden oude Giovanni Agnelli, leefde voort in de productiehallen van Lingotto en Mirafiori. Fiat bloeide als nooit tevoren en de 600 is daar symbool van. Dezelfde auto die later tevens Spanje, Joegoslavië en Argentinië zou motoriseren.

fiat 600 mirafiori

Net als met de 500 Nuova die er vlak na kwam, was de efficiënte samenstelling en wijze van produceren een van de sleutels tot het succes van de 600. Het was Fiat’s eerste ‘tutto dietro’, oftewel de motor achterin en de aandrijving op de achterwielen. Plaats voor 4 personen plus bagage en een nieuwe motor dat de ‘100’ werd genoemd. Volgens Giacosa zelf in enkele maanden bedacht achter gesloten deuren met een ‘kliek’ ontwerpers. Een conventionele viercilinder (gekoppelde aan een transmissie met 4 versnellingen) van 633 cc en 21,5 pk bij 4600 t/min, goed voor een top van 95 km per uur. Laag verbruik was ook toen met het nieuwe blok dat voortaan uit 1 stuk was opgetrokken (in tegenstelling tot die van de Topolino die uit 4 delen bestond) de inzet. Het geïntegreerde spruitstuk vormde een groot economisch voordeel. De motor zou vanwege z’n soliditeit zeer lang meegaan en onderhoudsarm zijn. De ‘100’ is niet voor niets de voorloper van de Fire en ging qua basis pas in 1999 in Polen met pensioen. Vijf jaar na de introductie volgde de evolutie naar 767 cc (‘100D’). Ook de dwarsgeplaatste bladveerophanging was een vinding die lang mee zou gaan en zelfs terug te vinden zou zijn op de veel latere 128 en 127. Een in tegengestelde richting (van de rijrichting) draaiende ventilator voor de radiator bleek tevens een effectieve vinding.

De ontwikkeling duurde tot halverwege 1954. De eerste serie kenmerkte zich verder door de ‘zelfmoorddeuren’, schuiframen in de portieren, richtingaanwijzers op de spatborden, logo op de voorzijde met “600” en 6 chromen strips rondom, kleine achterlichten met chromen omlijsting, richtingaanwijzers vooraan bovenop de spatborden (die tot februari 1956 aanvankelijk nog ontbraken). In de zomer van 1955 werd tevens de indicator voor de benzine in het interieur geperfectioneerd, zodat deze niet langer tijdens het rijden telkens van stand wisselde. In maart 1957 werd de tweede serie geïntroduceerd. De cilinderinhoud blijft hetzelfde maar het vermogen gaat omhoog naar 22 pk dankzij de Weber carburateur 22 IM. De auto heeft voortaan ramen die naar beneden gedraaid kunnen worden met een slinger aan de binnenzijde en achterlichten met gele richtingaanwijzers en geïntegreerde reflectoren (Fiat leverde tevens ronde zelfklevende reflectoren die door de consument zelf konden worden aangebracht). De derde serie volgde in maart 1959. Deze heeft voortaan 24,5 pk en een top van 100 km per uur (dankzij Weber 26 IM carburateur) en een dynamo van 230W in plaats van 180. De achterlichten zijn zoals die van de 500D (groter en met vierkante reflector). De richtingaanwijzer vooraan bovenop het spatbord zit voortaan een stuk naar achteren aan de zijkant vlakbij de portier. Op de voorzijde zijn voortaan twee extra kleine ronde units geplaatst (richtingaanwijzer en stadsverlichting) zoals op de 500. In september 1960 verschijnt de 600D serie 1 met 767 cc motor van 29 pk en een top van 110 km per uur. Ondanks de vermogenstoename blijft het verbruik 5,7 liter per 100 km. De grille op de achterzijde heeft voortaan 36 in plaats van 30 sleuven en de zelfmoorddeuren hebben voortaan ook kleine scharnierende zijruitjes. In mei 1964 volgt de tweede serie van de D, die enkel verschilt vanwege de portieren die voortaan gewoon aan de voorzijde scharnieren. Precies zoals de nieuwe 850 die dat jaar ook wordt geïntroduceerd dat ook heeft. De derde serie van de 600D komt in november 1965 op de markt en krijgt de bijnaam ‘Fanalona’ vanwege grotere koplampen (die ook op de 850 zitten). De carrosserie wordt gladder omdat strips voortaan ontbreken op die onder de portier na. Het embleem op de voorzijde is qua vormgeving die van de 500F. De benzinetank is voortaan groter. In Noord-Europa wordt dit model verkocht als de Fiat 770 (niet te verwarren met de gelijknamige Argentijnse versie van de Fiat 850). In Duitsland vindt zelfs een lokale productie plaats bij Fiat Neckar.

Met de komst van de unieke Multipla, werd het ruimteconcept van de 600 naar een hoger niveau gebracht. De Multipla werd niet voor niets een beroemde taxi in veel steden. Maar daar bleef het niet bij want bestelwagens met deze basis zagen eveneens het levenslicht. En zoals zoveel Italiaanse auto’s waren er uiteraard ook nog de sportieve versies met dank aan Abarth (1000) en unieke ‘fuoriserie’ van diverse carrosseriebouwers. Fiat bleef het concept van compacte gezinswagen succesvol toepassen ook in de decennia na de succesvolle 600. Na de 850, 128, en de Uno, volgde de reeks van de Punto tot op de dag van vandaag. Inmiddels heeft Fiat in het kleinste segment de 500 met internationaal succes opnieuw uitgevonden. Zou men met het bijna net zo mythische getal 600 het trucje kunnen herhalen in 2016? Afgaande op de geschiedenis zou dat en meesterlijke zet zijn.

To view this page in English please visit our international version.

RSS  

3 reacties »

  • Lusso schrijft:

    Het zou inderdaad logischer zijn om de komende vierdeurs ‘500’, ‘600’ te noemen.
    Mooi artikel!

  • henk schrijft:

    Hier staat nog meer moois.

  • Lancia4Ever schrijft:

    @lusso dank! 8)

Je kunt je voor een persoonlijk profiel ook bij Club AutoEdizione registreren of log direct in als je reeds lid bent.


Geef een reactie

Categorie�n

Fiat , La grande Storia

Lees meer over

Gerelateerde artikelen

Volg ons

Advertenties